Het mooie aan een bezoek aan IFFR is dat je altijd meer wil. Meer film, meer reizen, meer beleven, meer zien.
Ook mooi is het als je op een vroege zaterdag in een klein zaaltje naar een veel te lange en ietwat obscure Russische film zit te kijken.

Het werden er 8 dit jaar. Verdeeld over twee volle dagen en 1 avond. Want ik moest Lady Bird zien, ver voordat-ie in Cineville kwam.
Maar mijn IFFR is niet compleet zonder een selectie aan internationale films waarbij de beelden sprekend zijn. Dat begon met het poëtische Song of Scorpions, in de schilderachtige omgeving van Jasailmer (uiteraard nu op de lijst). Pin Cushion was live en leuk. En hard ook. Niet alle Q&A’s zijn even interessant, maar bij dit onderwerp (pesten op de middelbare school) was het goed om de regisseur en hoofdrolspeelster op het podium te zien. En een kat.
Djon Africa was lekker energiek, net zoals de hoofdrolspeler. En na het heftige scheidingsdrama Jusqu’à la garde (boembats kebem; voogdij wat een thema, trouwens nu in Cineville te zien) was ik toe aan een borrel, maar de bar van de Stayok was dicht.

Die film ’s ochtends in dat kleine zaaltje van Kino (❤️ Kino) was Nazidanie. Waarin de kopstoot van Zidane richting Materazzi (ja die tijdens de WK finale van 2006) lekker theatraal uitvergroot werd.

Hierna werd het grove Russische geschut ingeruil door een wat subtieler Koreaans liefdesverhaal in A Tiger in Winter. De 7e in de marathon-reeks was Jonaki, waarin het tempo rg laag lag, de film donker was en er amper gesproken werd. Ik weet er ook niet meer zoveel van.
En ja Lady Bird was een goed IFFR toetje, wat een fijne film.